De kerstboom staat in het bos. In de boom hangt een kerstbal Ik heb de kaars aangestoken In de stal is het feest. Auditieve discriminatie (Ko Klapper) De herder lacht. De kerstkaarten liggen in de brievenbus In de lucht zie je de maan erg goed. Bij de verkoper staat een mooie kerstboom.
